• 1960 - 2016

    De tachtiger jaren

    De geest van de club Erik Olof De jaren zeventig geven voor het clubschaak een wezenlijke verandering te zien, voornamelijk als gevolg van de opkomst van het professionalisme in de externe clubcompetitie en het ratingsysteem. Voor talentvolle jonge schakers komt het accent steeds meer te liggen op de talrijke toernooien en snelschaakwedstrijden, waar niet meer als vroeger twee huishoudelijke artikelen per vierkamp, maar slechts enkele grote geldprijzen voor het hele toernooi te bemachtigen vallen. De prestatiedrang is daardoor enorm gestimuleerd. Wat merk je daarvan op de club? De Schaakclub Utrecht neemt hier ter stede een bijzondere plaats in, omdat van oudsher de schaaktop van de provincie zich hier toch wel…

  • 1960 - 2016

    Spanjaard en Olland (2)

    Bijna vijftig jaar later Robert Beekman (Uit het jubileumboek 125 jaar SCU.) Juli 1933 meldt Olland zich voor het Nederlands Kampioenschap. De organisatoren reageren verrast. Olland is al een paar jaar niet meer actief als schaker en al 66 jaar oud. Olland zegt dat hij nog één keertje de toernooisfeer wil proeven. Men maakt graag een plaatsje vrij voor hem; het toernooi krijgt zo volgens de bond extra cachet. En zie, zonder enige voorbereiding en met een tekort aan praktische toernooiervaring doet Olland het nog niet eens zo slecht. Na zeven ronden heeft hij 3 punten en in de achtste ronde staat hij tegen Hamming op winst. Een foto voorafgaand…

  • 1960 - 2016

    Spanjaard en Olland (1)

    Olland en Spanjaard, een vergelijking Erik Olof Een speurtocht naar de overeenkomsten tussen Olland en Spanjaard. Twee van de belangrijkste spelers van Schaakclub Utrecht. Beiden speelden bijzonder lang en trouw op de clubavonden, beiden hebben onnoemelijk veel voor SCU gedaan, beiden waren sterke spelers. (Uit het jubileumboek 100 jaar SCU.) Het is natuurlijk een hachelijke onderneming de twee bekendste voormannen van Schaakclub Utrecht met elkaar te vergelijken. Toch volgt hier een poging, uit nieuwsgierigheid. Het is aardig overeenkomsten tussen beide mannen te zoeken, maar de verschillen liggen voor de hand. In zijn tijd was Olland een belangrijker schaker, een tijdlang primus inter pares, terwijl Spanjaard in Nederland nooit echt tot…

  • 1960 - 2016

    Eduard Spanjaard

    Eduard Spanjaard, voor Schaakclub Utrecht van onmisbare betekenis geweest. Toen hij als veertienjarige jeugdspeler in 1923 lid werd, had hij amper geld om de contributie te betalen. Hij hóéfde ook niet te betalen, en heeft zijn hele leven niet geweten wie de betaling van zijn contributie toentertijd voor zijn rekening genomen heeft (al heeft hij wel vermoed dat het Olland was). Hij is vervolgens zijn hele leven lid geweest van SCU gebleven en stierf in 1981 op de club achter het schaakbord. Tussendoor dertien keer clubkampioen geweest, twee keer een periode van zes jaar voorzitter geweest, waarnemend voorzitter, clubbladredacteur, meervoudig teamleider, organisator van vele clubevenementen, enzovoorts, enzovoorts. Naar het erelid…

  • 1960 - 2016

    Peut – Bunge (1979)

    Honderd jaar eenzaamheid Lucas Bunge Lucas Bunge, uitgever van het boek Eeuwig schaak en reeds lange tijd schaker bij Schaakclub Utrecht. Hier boven in beeld, anno april 2003. In dit stukje proza geeft Lucas Bunge een aardig beeld van de kwellingen die de gemiddelde schaker zo ongeveer meemaakt achter het bord! Uuit het jubileumboek 100 jaar SCU. De knoeier, tiende bord, zesde tiental, uitwedstrijd: ‘hij ziet er uit als een slimme wiskundestudent, o jé, en wat schrijft hij precies in z’n notatieboekje. Van dat soort psychastene schakers verlies ik meestal … ja, prettige wedstrijd. Wat zet-ie vastberaden en geroutineerd die e-pion naar voren, echt dat goede-schakersgreepje. Kwam de koffie maar.…

  • bouwmeester

    Loper en haas

    Hans Bouwmeester Lange-afstandlopers kennen een fenomeen, dat zij “de haas” noemen. Het is een atleet, die gelijk met hen van start gaat en het tempo bepaalt. Na korte tijd haakt de haas af en dan moet de meute het maar verder uitvechten. In de eindspelliteratuur zijn een aantal voorbeelden van zo’n haas te vinden. De posities die hier volgen, zien er heel eenvoudig uit, ze bevatten opmerkelijke finesses en tonen de schoonheid van het schaakspel op onovertroffen wijze aan. Wit aan zet wint 1.a7 Niet moeilijk te vinden. 1…Tg2+ De beste verdediging; na 1…Tg8 2.Lg3+! en 3.Lb8! wint wit gemakkelijk. 2.Kb1 Wit mag de toren niet op de a-lijn toelaten.…

  • 1960 - 2016

    Simultaan Karpov (1977)

    Eén van de hoogtepunten in de geschiedenis van Schaakclub Utrecht is een simultaanseance van Anatoli Karpov. Eduard Spanjaard had het georganiseerd en Utrechts sponsor uit die tijd (CVI) had het gefinancierd. Karpov is op het moment van deze simultaan wereldkampioen. Het CVI en een avondje Karpov Michel Hoetmer Had onze immer van activiteit bruisende voorzitter het tijdens de ledenvergadering al niet met de nodige omzichtheid aangekondigd? Toch kwam het bezoek van wereldkampioen schaken Anatoli Karpov als een complete verrassing. Immers, niemand geloofde er echt in, dat men in het Stichtse tot het organiseren van een dergelijke exhibitie in staat was. Dankzij de inspanningen van de sluwe onderhandelaar Spanjaard en een…

  • 1960 - 2016

    Simultaanseances na de Tweede Wereldoorlog

    Erik Olof Na de Tweede Wereldoorlog zien we minder buitenlandse beroemdheden hij de club simultaan spelen. Het wordt te duur. Het blijft meestal bij Nederlandse waar: Nico Cortlever, Hans Bouwmeester, Hans Ree, later aan het begin van het seizoen de clubkampioen. Diverse topgrootmeesters die nog wel in Utrecht simultaan spelen, doen dat in de V & D-simultaantournee. Overigens vallen er hij ‘Utrecht’ nog wel opmerkelijke feiten te melden. Op zaterdag 4 maart 1950 speelt Barendregt blindsimultaan aan tien borden, op een ogenblik dat het Nederlands record al op zijn naam staat met twintig borden. Na vier uur is zijn score: zeven gewonnen, twee remise, één verloren. In het begin van…

  • 1918 - 1960

    Simultaanseances Capablanca vs Aljechin

    Robert Beekman Juli 1931 wint Capablanca een match van Euwe met 6 – 4. Capablanca – Euwe, 1931. Op 1 augustus 1931, direct erna, wordt in Amsterdam een simultaan van Capablanca georganiseerd, gesponsord door De Telegraaf. Zich verlustigend en verlekkerend kijkt de krant de dag ervoor alvast vooruit naar de simultaan die komen gaat: “Capablanca krijgt het zaterdagavond hard te verantwoorden!” Het organisatiecomité heeft immers vrijbrief gekregen om louter spelers uit de hoogste twee klassen van de KNSB-competitie te werven. Uit Groningen, Leeuwarden, Eindhoven, Den Haag, Rotterdam en natuurlijk ook Utrecht reizen spelers uit de Nederlandse subtop naar Amsterdam, waar ze samen met de Amsterdamse subtoppers het tegen Capablanca zullen…

  • 1800 - 1918

    Simultaanseances Lasker

    Erik Olof Hoogtepunten zijn toch wel de optredens van wereldkampioen Lasker, links in beeld, eerst in 1898, dan in 1908 en tenslotte – hij is dan al niet zo jong meer – in 1920. De eerste keer rolt Lasker dertig van de 33 tegenstanders op; hij verliest van Hogewind en maakt remise tegen Olland en Speet. Voorafgaand aan de simultaan speelde hij nog een consultatiewedstrijd tegen de beste ‘Utrecht’-spelers. Lasker blijft, zoals gebruikelijk, een paar dagen te gast, logeert bij een bestuurslid en krijgt de gebruikelijke rijtoer naar De Bilt. Hij klaagt tijdens de rit over ‘de miskenning van zijn talenten op wiskundig gebied.’ Tien jaar later komt Lasker uit…