Op 15 februari toog ons beste (en enige) viertal naar Loenen aan de Vecht met als doel daar een stuk of twee matchpunten op te halen. Ons team, bestaande uit Paul Meijer, Peter Timmerman, Jo Drijver en mijzelve zou toch sterk genoeg moeten zijn om dit voor elkaar te krijgen. We arriveerden netjes op tijd, maar werden nog even de zaal uitgezet omdat er nog iets besproken moest worden. (Uiteraard ontstonden er wilde fantasie?n over handgemenen en royeringen van leden.) Toen de stofwolken in de speelzaal waren opgetrokken en de scherven waren opgeveegd konden we de zaal betreden. Inmiddels begon er bij de bar ook een klaverjastoernooi. De herrie was…
-
-
Stunt van het vijfde mislukt
(door Jo Drijver) Het vijfde probeerde kampioenskandidaat Het Dikke Torentje uit Eemnes te laten struikelen maar helaas werd dat op het nippertje verijdeld. Guus leverde in het middenspel een stuk in en Midas werd vreselijk in het defensief gedrongen door een heel sterke speler. Beide partijen waren al snel afgelopen. Dankzij een remise van Louis en een fraaie overwinning van Bas Lobik kwam de stand op 2? – 1?, hetgeen wat beter oogde dan de 2-0-achterstand. Op dat moment leek het te gaan lukken. Theo Rooijakkers en Bert de Vries hadden zeer kansrijke stellingen en Ton Mackaaij was voortdurend in de aanval. Alleen de teamleider zat in een wurggreep en…
-
Nederlands kampioen in 1971! (1)
Het tweede landskampioenschap van 1971 Bert Kieboom Toen de top van het Nederlandse competitieschaak nog niet werd beheerst door ‘huurlingen’ en een clubkampioenschap dus nog echt een clubkampioenschap was, heeft de Schaakclub Utrecht menigmaal haar partijtje om de landstitel mee geblazen. Twee maal is het gelukt de hoogste plaats te behalen, in 1946 en in 1971. Nauwelijks minder imposant is dat het eerste tiental bijna onafgebroken in de hoogste klasse heeft gespeeld van 1920/’21 tot en met 1957/’58. In dit hoofdstuk een verslag van het kampioenschap in 1971. (Uit het jubileumboek 100 jaar SCU.) Ook het tweede kampioenschap, van 1971, is niet uit de lucht komen vallen. Na de malaise,…
-
Utrecht – Solingen (1976)
De Solinger messen Bert Kieboom Zijn er ook verrichtingen van Utrechters in den vreemde? Uiteraard legio, zoveel dat ze niet in dit boekje zijn te vatten. Ook als collectief kan de club echter terugzien op enkele gedenkwaardige ontmoetingen. Allereerst de wedstrijden tegen een club uit het Duitse Limburg an der Lahn. Weinig technisch schaak, veel bier en evenveel plezier. Clublid Henk Losscher, befaamd om zijn Duits, die in een onbewaakt ogenblik echter een ‘Schach-glocke’ aanbiedt. (Bijna zo erg als KNSB-voorzitter Van Steenis, die een ober een keer nors toevoegde dat hij nog steeds geen eten had gekregen, ofschoon hij al twee keer had ‘gebellt’. Tja, bij Van Steenis is ook…
-
Utrecht en Euwe-Aljechin
Bert Kieboom Toch wel de moeite waard waren de matchpartijen van Euwe tegen Aljechin (boven een foto van hen, met rechts Euwe en links Aljechin), waarvan er enkele in Utrecht of omgeving werden gespeeld. Op 17 oktober 1935 staat het 4 – 2 voor Aljechin als de zevende partij van de wedstrijd om de wereldtitel in het Utrechtse Gebouw voor Kunsten en Wetenschappen wordt gespeeld. Niemand gelooft dan nog in zijn kansen. In de zaal volgt onder de vele toeschouwers een drietal oudere heren intensief de strijd. Het zijn Mieses (70), Lasker (67) en Maroczy (65). Het gaat niet best met Euwe. In een Franse opening komt Aljechin hondsbrutaal op…
-
Utrecht – Argentinië (1950)
Robert Beekman Op 1 oktober van hetzelfde jaar speelt een met Euwe versterkt Utrechts team tegen het Argentijnse team, met Najdorf, Guimard, Rossetto, Pilnik en Bolbochan. Of althans, de legendarisch Najdorf was wel van plan te komen, maar kwam uiteindelijk niet. Ook grootmeester Herman Pilnik ontbrak. Het Argentijnse team was net op negende schaakolympiade, gehouden in Dubrovnik in het voormalige Joegoslavië, tweede geworden (Joegoslavië haalde goud; Rusland zou pas twee jaar later voor het eerst meedoen). Argentinië was mede zo sterk omdat een aantal Europese schakers vlak voor de Tweede Wereldoorlog in Argentinië gestrand waren. Miguel Najdorf, die zijn gehele Poolse familie verloor in de holocaust, was daar één van.…
-
Mannen van eer
Bert Kieboom Bert Kieboom, oud-voorzitter van Schaakclub Utrecht en erelid, over zijn komst bij Schaakclub Utrecht in 1950, de jaren erna, de schakers bij Schaakclub Utrecht, en ook over het grote conflict dat SCU met de SGS gehad heeft. Utrecht – Argentinië, 1950. De 15-jarige Bert Kieboom (achter Euwe) besluit om lid te worden van SCU. Helemaal links zien we nog net het hoofd van Spanjaard, die tegen een andere Argentijn speelt. Het beeld van de Schaakclub Utrecht in 1950 – het jaar dat ik als vijftienjarige mijn entree maakte – is voor mij verbonden aan de lokalen van Sociêteit De Vereniging aan de Mariaplaats. In mijn herinnering hangt de…
-
Bert Kieboom
In 1950 komt Bert Kieboom bij Schaakclub Utrecht. Hij gaat kijken bij de wedstrijd Argentinië – Utrecht. Max Euwe speelt dan namens Utrecht tegen Bolbochan. Vijftien jaar oud is hij dan. Op dat moment besluit hij lid te worden van Schaakclub Utrecht. Rechts speelt Euwe en direct achter Euwe kijkt een jongen (derde van rechts) geïnteresseerd toe. Dat is Bert Kieboom! Overigens kunt u helemaal links, zittend achter het tweede schaakbord, nog net het gezicht van Eduard Spanjaard zien. In november 1952 klimt hij op tot bord 8 van het vierde tiental en in december wint hij de tweede prijs in de tweede groep snelschaken. Daarna gaat het crescendo; in…
-
Prins en Bouwmeester
Robert Beekman Prins en Bouwmeester. Beiden hebben ze voor Utrecht gespeeld. Bouwmeester van 1960 – 1968. Prins van 1970 – 1973. Bouwmeester weer vanaf 1974. Nooit hebben ze samen gespeeld bij Utrecht. Of nee, toch één keer. Eén keer hebben ze naast elkaar gezeten. Bij Utrecht – Parijs. Ze wisselen geen woord met elkaar. De spanning is om te snijden. Vreemd, want als Hans Bouwmeester in 1948 bij ASC komt, heeft hij amper geld. Prins, die bij ASC aan het eerste bord speelt, wijst hem op een jeugdtoernooi in Birmingham. Bouwmeester wil maar al te graag en Lodewijk regelt alles voor hem. Geld via ASC en de Noordhollandse Schaakbond, onderdak…
-
Sonja Graf wint bij Schaakclub Utrecht (1936)
Peter de Jong Het vijftigjarig bestaan van Schaakclub Utrecht werd gevierd met een bijzonder evenement: een vierkamp waarin behalve Utrechters ook Sonja Graf meedeed. Sonja Graf: in die tijd de op een na beste vrouwelijke schaakster ter wereld! Het 50-jarig bestaan van de Schaakclub Utrecht werd op zaterdag 3 oktober en zondag 4 oktober 1936 gevierd in het gebouw voor Kunst en Wetenschappen aan de Mariaplaats. Door de overvloed aan zowel nationale- en internationale toernooien had het bestuur gemeend het toernooi in eigen kring te vieren en slechts open te stellen voor leden en oud -leden van de club, zo sprak voorzitter Van Wijngaarden bij de opening van het toernooi.…