Commotie over het laatste boek van Kasparov Hans Bouwmeester “Ik sla er wel eens naast, maar wat ik raak sla dat is dan ook muziek!” Arthur Rubinstein Deze uitspraak van een groot musicus en pianist kwam mij in gedachten bij het lezen van enige kritieken over Kasparovs My great predecessors. Ik heb er enkele gelezen, maar ongetwijfeld zijn er vele aan mij voorbij gegaan. Ons land kent een aantal kundige schaakjournalisten en grofweg zou men ze kunnen indelen in redelijk objectieve schrijvers en azijnspuiters. In die laatste groep wordt beweerd dat het historisch gedeelte van Kasparovs boek niets nieuws bevat. Daarover zouden vriend en vijand het eens zijn. Wie zijn…
-
-
Lasker – Capablanca (1921)
De grote liefde van Kasparov Hans Bouwmeester Over Kasparov, volgens velen de grootste schaakspeler aller tijden, zijn veel kritische verhalen in omloop. Maar men kan nooit ontkennen dat hij een grote liefde voor het schaakspel ten toon spreidt. In zijn nieuwe boek, My great predecessors, schrijft hij over zijn voorgangers Steinitz, Lasker, Capablanca en Aljechin met een voor hem ongekende eerbied. Links ziet Kasparov hem bij de presentatie van het boek in New York. Hij doet meer dan de titel aangeeft. Ook de grote rivalen van deze schaakreuzen komen uitvoerig aan bod en zelfs de “voorhistorische” kampioenen als Philidor, La Bourdonnais, Staunton, Anderssen en Morphy krijgen tezamen een hoofdstuk in…
-
Janowsky – Bernstein (1914)
De kunst van het verdedigen Hans Bouwmeester Lang, lang geleden toen het leven nog mooi en onbedorven was, deed Utrecht 1 mee voor de koppositie in de hoogste klasse. Het eerste team was ontzettend sterk en werd bevolkt door èchte grootmeesters en èchte meesters. Dit bonte gezelschap broodschakers werd nog een beetje geholpen door enkele autochtonen. Wat was dat een mooie tijd. Zelf speelde ik in die tijd als een jonge god en was gevaarlijk voor iedereen, niet in de laatste plaats voor mijzelf. Er werden heuse trainingskampen georganiseerd. Kom daar tegenwoordig nog maar eens om. Die eerste trainingen waren uitsluitend toegankelijk voor de elite van onze club. In het…
-
Blackburne – Nimzowitsch (1914)
De linkmiechel Hans Bouwmeester ‘Every inch a gentleman’, zo was Joseph Henry Blackburne (links in beeld), in de negentiende eeuw één van de sterkste schakers ter wereld, met een lijst van toernooiresultaten die slechts kan worden geëvenaard door een Steinitz. Een echte Brit, deze te Manchester geboren grootmeester, die zijn moederland steeds trouw is gebleven en menige schaaktriomf voor Engeland hielp bevechten. Vanaf zijn geboorte in 1841 tot aan zijn dood in 1924. Bij het schaken legde diezelfde Blackburne alle plechtstatigheid graag van zich af, om met Spaans vuur de lieden aan gene zijde van het bord weg te vegen. Intuïtief en fantasierijk zette hij zijn partijen op; grote deskundigheid…
-
Tarrasch – Lasker (1908)
Schakers en hun uitspraken Hans Bouwmeester Het leven van de schaakmeester is een voortdurende strijd met andere schaakmeesters, en vooral ook met zichzelf; dit laatste geldt bij uitstek voor hem die aan de spits staat”. Dit schrijft Aljechin in zijn beroemde boek My best games II, waarvan in 1940 een Nederlandse vertaling verscheen. Deze woorden kwamen mij in gedachte toen ik op 1 mei 1989 in De Volkskrant las, dat Kasparov zich weer eens kritisch over zijn grote rivaal Karpov had uitgelaten. In Oostenrijk, zo luidde het artikel, zou Kasparov hebben gesuggereerd dat Karpov, die hij vroeger al eens een fascist genoemd had, zijn successen aan doping te danken zou…
-
Het 30-jarig bestaan (1916)
Op 16 november 1916 viert Utrecht het 30-jarig bestaan van de club, speciaal voor leden en genodigden. Op 18 en 19 november volgt een tweedaagse landelijke wedstrijd, net als in 1911 viertallen. In de hoofdgroep Olland, Van Foreest, Van Gelder en Te Kolsté. Zondagmiddag zijn de kemphanen Olland en Te Kolsté na zes uur spelen nog steeds bezig. Het is inmiddels half zeven en het gezamenlijke diner (net als in 1911, dit keer in Hotel de la Station) loopt gevaar. De wedstrijdleiding besluit deze partij tot remise te arbitreren. Olland en Van Foreest eindigen hierdoor gelijk en na loting wordt Van Foreest winnaar. Foto van de schaakhappening op de club…
-
Tarrasch – Nimzowitsch (1904)
Aron Nimzowitsch en zijn aartsvijand Siegbert Tarrasch Hans Bouwmeester Wie resultaten wil boeken moet een geboren vijand kiezen en proberen hem zo te kastijden dat hij van zijn voetstuk tuimelt.” Zo staat het ongeveer in de korte autobiografie die Nimzowitsch in 1929, nadat hij in Karlsbad het grootste succes van zijn leven had behaald, in het Russisch liet verschijnen. Als geboren vijand koos Nimzowitsch de Duitse ‘schaakkeizer’ dr. S. Tarrasch uit. “Voor mij”, zo schreef hij verder, “was Tarrasch de verpersoonlijking van de middelmatigheid. Weliswaar was hij een zeer sterk speler, maar al zijn meningen, zijn sympathieën en antipathieën, zijn dwarsliggen ten opzichte van elk nieuw idee gaven mij de…
-
Tarrasch – Pillsbury (1898)
Siegbert Tarrasch, een goede schoolmeester Hans Bouwmeester Hij was een strenge leraar, maar had dan ook leerlingen die voor de dag konden komen.” Dit schrijft de hooggeleerde Milan Vidmar op zijn oude dag in Goldene Schachzeiten. Dit klinkt vriendelijker dan de woorden die Hannak in zijn Lasker-biografie aan Tarrasch heeft gewijd. Daaruit komt de befaamde ‘Praeceptor Germaniae’ als een ietwat bekrompen, betweterige dogmaticus tevoorschijn. Nu kon Hannak best aardig schrijven, maar bepaald minder goed lezen en van schaken had hij weinig verstand. We kunnen zijn beoordeling van Tarrasch dus als weinig relevant beschouwen. Schoolmeesters zijn niet populair in onze samenleving. Men taxeert ze gemakkelijk als eigenwijze peuteraars, die alles beter…
-
Steinitz – Lasker (1896)
Grote meesters over hun voorgangers Hans Bouwmeester Hij vindt het interessant om over de grote meesters uit het verleden te lezen, maar de kwaliteit van hun partijen… In een recent interview laat wereldkampioen Gary Kasparov (links in beeld) er geen twijfel over bestaan dat hij weinig onder de indruk is gekomen van de partijen van zijn grote voorgangers. Het wordt niet duidelijk welke maatstaven hij hanteert bij deze beoordeling, maar misschien zal dit in de toekomst nog eens door hem worden beschreven. Bijna alle grote meesters, die ik heb ontmoet, kenden vele partijen van hun voorgangers en bijna alleen hadden ze zo hun favorieten. Euwe en Karpov spraken dikwijls hun…
-
SGS-viertallen, seizoen 2015-2016
De SGS-viertallencompetitie. Let op: wij hanteren intern een andere nummering dan de SGS: bij de bond staat Oud Zuylen 6 (ons eerste viertal) te boek als Oud Zuylen 1. Zie op de desbetreffende SGS-pagina.