• Tromgeroffel in Bunschoten

    Posted on april 23, 2018 by in extern

    Te elfder ure keek Leo vragend van het bord op, hoe staat het? Hij had net een remiseaanbod gekregen en wilde deze maar wat graag aannemen. Niet dat hij zo slecht stond, integendeel, het toreneindspel met een pion meer bood wellicht nog kansen en verloren was het zeker niet. Het was meer de klok die hem onrustig maakte, minder dan vijf minuten. Het stond gelijk, twee en een half voor beide teams. Midas zag twee verbonden vrijpionnen op zich afkomen en zocht verbeten naar een manier om het tij te keren. Wiebe liet een pion de andere kant opgaan en straalde zelfvertrouwen uit. Mocht Midas verliezen en Wiebe winnen, dan zou het 4-4 worden met het halfje van Leo erbij en de kans op het kampioenschap een punt minder waarschijnlijk maken. Leo vluggerde verder.

    Er waren voortekenen. Of ze gunstig waren viel nog te bezien. Zo was Hans op tijd en niet alleen dat, hij was er als eerste! Hij was bijna een uur te vroeg gearriveerd en had de tijd gedood met koffie en kletsen aan de bar. Hij was, zoals hij het zelf omschreef, in een semi-bejaarde flow geraakt. Hoe een dergelijke onderbreking van vaste rituelen te interpreteren? Kon dit nog wel goed gaan? Wiebe was met het openbaar vervoer vertrokken uit de stad met een voetbalclub die onlangs besloten had toch maar niet landskampioen te worden en had zijn aansluiting in Baarn gemist. Hij hoopte met een ov-fiets acht uur aan te komen. Dit leek toch wel een slecht voorteken, we moesten maar niet te vroeg beginnen, zodat Wiebe niet teveel tijd op zijn klok zou verliezen. Dat was makkelijker dan gedacht. Toen de aanwezigen om twintig voor acht besloten in het torentje van Bunschoten de speelzaal te gaan zoeken, was er nog niemand te bekennen. Geen spelers, geen borden en stukken, zelfs niet duidelijk in welke zaal we gingen spelen. Navraag bij de bar leek het startschot om toch maar eens de boel klaar te gaan zetten in de dartzaal (waarmee maar weer eens onderstreept wordt hoe geweldig dat bij ons geregeld is, alles staat altijd ruim op tijd in het gelid). Ondertussen werden de berichten uit Baarn verontrustend. In overleg met de wedstrijdleider van En Passant werd besloten dat Midas Wiebe ging redden uit zijn precaire situatie. Aan hun borden werden geen klokken aangezet, er werd gewacht tot Midas en Wiebe zouden arriveren, waarna de speeltijd door het uitgestelde begin aan beide kanten werd aangepast naar één uur en dertig. Een buitengewone sportieve houding van En Passant!

    Aan de andere borden knipperden de digitale klokken ondertussen genadeloos, zeker voor Frank en Jan. Beide verloren hun a-pion en in beide partijen bleek dat de opmaat voor meer ellende. Ze zullen in hun dromen ongetwijfeld geplaagd gaan worden door een boosaardige a-pion in de vorm van een Bunschoter toren. Frank probeerde nog van de nood een deugd te maken, het verlies van een a-pion leverde tenminste nog een mooie halfopen a-lijn naar de zwarte koning op. Jan werd met oprukkende pionnen op de damevleugel in het nauw gedreven, zijn stukken hadden steeds minder ruimte en konden niet eens meer spartelen. Frank ging te lang door met zijn aanval en liep stuk op een stugge verdediging. Zowel Jan en Frank verloren vroegtijdig en waar Frank vol zelfspot stoom afblies, verstopte Jan zich balend aan de bar.

    Zelf kon ik ietwat gespannen maar tevreden rondlopen. Het was me gelukt een schijnbaar ongevaarlijke stelling om te toveren in een gewonnen stelling vol penningen en dreigingen, ik moest nu alleen geen fouten meer maken. Het ging snel, mijn tegenstander vond geen goede verdediging en gaf op zet eenentwintig op, hij kon mat niet meer voorkomen. Een voor mijn doen ongewone, snelle en strakke partij, ik was de eerste om daar aangenaam verrast over te zijn.

    Bij een achterstand van één bordpunt ging het er nog om spannen. Op bord 1 ontspon zich een ware thriller, had Hans het voldoende in de hand? Lagen er lijken in de kast, zagen we spoken? Leo zocht naar tactische middelen om een genadeslag toe te brengen, maar deze mogelijkheid leek te ontbreken. Midas speelde in zijn ondernemende stijl zijn vertrouwde spelletje, hij laat zijn stukken dromen van een snelle aanval op de koning, maar het was niet duidelijk of dat zou gaan lukken. Bij Bart en Wiebe was het onduidelijk. Bij Bart weet je nooit wat er nog mogelijk of onmogelijk is en dat lijkt hij zelf ook niet altijd te weten, maar het werkt wel. Wiebe schaakt – tja, hoe zal ik het zeggen – soms een beetje wiebelig, al leek het erop dat hij door de autorit met Midas langs de kronkelende Eem voldoende adrenaline had opgepompt om deze avond te gaan winnen, hij had in ieder geval meer ruimte en mogelijkheden voor zijn stukken.

    Bij een volgende inspectieronde bleek Bart een eindspel te hebben met een betere pionnenstructuur en het loperpaar, maar dit voordeel werd in balans gebracht door de actievere koning, paard en loper van zijn opponent. Als hij zich uit de gedrongen positie zou kunnen ontworstelen was er misschien nog een mogelijkheid. Helaas verzandde de worsteling in een stelling met ongelijke lopers waar remise een acceptabele uitslag was.

    Hans had een toren geofferd om de finale slag toe te brengen, hij moest alleen nog een tegenaanval ondergaan en zien af te slaan. Dit ging wonderwel goed, mede dankzij de tijdnood. Zijn tegenstander miste de beste verdediging en zonder materiaalverlies was verlies niet meer te voorkomen. Een heroïsche partij van Hans, hij zal er ongetwijfeld nog lang met gemengde gevoelens van nagenieten! De tussenstand was gelijk getrokken.

    Nog was de Bunschoter toren niet ingenomen. Leo had veel tijd in zijn stelling gestoken en had weinig over voor het spelen van het toreneindspel. Wiebe had zijn tegenstander in de tang en probeerde met tactische middelen zijn vrijpion door te drukken. Waar Wiebe rechtop gezeten vol zelfvertrouwen zijn tegenstander verder in het nauw dreef, daar kromp de ander steeds meer in elkaar. Toen de vrijpion ook nog gezelschap kreeg van zijn buurman was verlies en opgave onafwendbaar. Een stille triomf! Midas weet van geen opgeven, hij had weliswaar een gedekte pion op g2 voor de neus van de vijandige koning geparkeerd, maar de aanval sloeg niet door. Zijn tegenstander had ondertussen twee verbonden vrijpionnen aan de andere flank gecreëerd en niemand zag hoe die nog gestopt konden worden. Midas toverde echter een laatste truc uit de hoed, sloeg in op f2 en wist via de onderste rij de benauwde koning tot opgave te dwingen. Een zeer verrassende ontknoping die maar weer eens bewijst waar een wil tot winnen toe kan leiden.

    De avond was gewonnen en ik fluisterde Leo in zijn oor dat hij met een gerust hart remise kon accepteren. Zijn tegenstander zag in dat er niets meer te winnen viel en de handen werden geschud.

    Er rest ons nog één bordpunt van het kampioenschap, de trommels roffelen, maar het zal nog een spannende laatste ronde worden.

    En Passant 4 Oud Zuylen Utrecht 4 3 5
    F.W.G.J. Buitenhuis (Fred) H.J.G. de Lange (Hans) 0 1
    H. Koelewijn (Henrik) J.C. Ackerman (Jan) 1 0
    B.H. Koelewijn (Bort Harm) F. Tempelman (Frank) 1 0
    S. van de Groep (Stephan) L.F. Keijzer (Leo) 0,5 0,5
    J.J. Koelewijn (Jaap-jan) J.W. Lubbers (Jan-Willem) 0 1
    S. Koelewijn (Sjoerd) M. – Schonewille (Midas) 0 1
    A. de Jong (Aart) B. de Vries (Bart) 0,5 0,5
    R. Heinen (Raoul) W. Brouwer (Wiebe) 0 1


Comments are closed.