• Tarrasch – Nimzowitsch (1904)

    Posted on maart 5, 2016 by in bouwmeester

    Aron Nimzowitsch en zijn aartsvijand Siegbert Tarrasch

    Hans Bouwmeester

    Wie resultaten wil boeken moet een geboren vijand kiezen en proberen hem zo te kastijden dat hij van zijn voetstuk tuimelt.” Zo staat het ongeveer in de korte autobiografie die Nimzowitsch in 1929, nadat hij in Karlsbad het grootste succes van zijn leven had behaald, in het Russisch liet verschijnen.

    Als geboren vijand koos Nimzowitsch de Duitse ‘schaakkeizer’ dr. S. Tarrasch uit. “Voor mij”, zo schreef hij verder, “was Tarrasch de verpersoonlijking van de middelmatigheid. Weliswaar was hij een zeer sterk speler, maar al zijn meningen, zijn sympathieën en antipathieën, zijn dwarsliggen ten opzichte van elk nieuw idee gaven mij de overtuiging dat hij nooit de leider van de schaakwereld zou mogen zijn.”

    TarraschNu hebben de geschiedschrijvers Tarrasch, links in beeld, dikwijls onrecht aangedaan. Er was een groep die hem als dr. Siegbert Superstar vereerde. Een autoriteit wàs in het Duitsland van rond 1900 een autoriteit en Tarrasch heeft er een dankbaar gebruik van gemaakt.

    Wie de toernooicarrière van Tarrasch overziet en zijn partijen aandachtig naspeelt, kan maar tot één conclusie komen: Tarrasch was een grootmeester van wereldklasse! Tussen 1889 en 1907 was hij onbetwist de succesvolste toernooispeler. Dat hij in de match van 1908 tegen de ‘Verwirrungstaktik’ van de zes jaar jongere Lasker niet opgewassen bleek, doet daar niets aan af. Het is denkbaar dat het gedrag van de ijdele doctor de ‘provo’ Nimzowitsch een doorn in het oog was. Toch zal de laatste ook wel eens iets geleerd hebben uit dat werkelijk kostelijke boek ‘Dreihundert Schachpartien’, om onverklaarbare redenen na 1925 nooit herdrukt, dat samen met ‘Die moderne Schachpartie’ een monument vormt van Tarrasch’ schaakschrijverschap.

    Nog in 1914 is Tarrasch in St. Petersburg een geduchte toernooivos. Hij vereffent daar de onderlinge score met Nimzowitsch door het befaamde dubbel-loperoffer. Het is pas in Karlsbad 1923, als Tarrasch reeds de zestig jaar is gepasseerd, dat de 24 jaar jongere Nimzowitsch de leiding kan overnemen. En pas in de jaren twintig werd Tarrasch definitief teruggedrongen; een doodgewone leeftijdskwestie dus.

    Gaan we terug naar het jaar 1904. De wereld van de kunst is geweldig in beweging. Debussy en Ravel hebben hun eerste opzienbarende werken al laten horen. De jonge Strawinsky is in aantocht. Revolutionaire schilders als Kandinsky en Klee brengen hun kijkers tot wanhoop. Schrijversnamen zou men bij tientallen kunnen noemen.

    nimzowitsch jongOpkomende modes gaan vaak zeer ver in het vernietigen van oude vormen en overschrijden soms de grenzen van het absurde. In dit patroon valt Nimzowitsch, links hem op jonge leeftijd in beeld, redelijk in te passen. Hij had een bijzondere voorkeur voor het doen, zeggen en schrijven van absurditeiten en het schaakspel bleek voor hem een voortreffelijk medium. Caissa gunt haar grote talenten veel ruimte! Nimzowitsch’ basiskennis was in zijn jonge jaren, zoals hij zelf zegt, zwakt ontwikkeld. Maar hij bezat een geniale aanleg en was een bezeten vechtjas. Zulke lieden kunne zich als schaapspeler veel veroorloven.

    In 1904 speelt de 18-jarige Aron in een Haupturnier in Coburg. Bij die gelegenheid leert hij Tarrasch kennen en krijgt het tijdens een analyse direct met hem aan de stok. Tenslotte vraagt hij nederig of Tarrasch eens een partij met hem wil spelen en de ‘Paeceptor Germaniae’ stemt genadiglijk toe. Nimzowitsch moet maar eens naar Neurenberg komen. Het wordt een historische ontmoeting. Naar mag worden aangenomen is men in groten getale opgekomen om te zien hoe hun idool de jonge brutale Balt een gevoelig lesje zal geven. Het wordt een spektakelstuk van de eerste orde!

    S. Tarrasch – A. Nimzowitsch
    1904

    1.d4 d5 2.c4 Pc6 3.Pf3 Lg4 Zo had Tsjigorin het rond de eeuwwisseling vaak en met veel succes gespeeld.
    4.e3 Scherper is 4.cxd5 of 4.Da4 (Aljechin).
    4…e6 5.Pc3 Het is nauwelijks denkbaar dat Nimzowitsch op deze variant was voorbereid. Hij ziet in dat, in verband met een naderend Db3, zijn damevleugel in gevaar is. De volgende oplossing doet ook in onze tijd nog enigszins bizar aan.
    5…Lxf3 6.Dxf3 Pce7 Wat zal Tarrasch op dit moment gedacht hebben? Vermoedelijk: “Met wat voor Patzer verdoe ik hier mijn kostbare tijd?!!”
    7.Ld3 c6 8.O-O f5 9.Ld2 Pf6 Nimzowitsch zelf kritiseert deze ‘sjablone’. Met 9… Dd7 gevolgd door Ph6, Pg6 en Ld6 was, zo zegt hij, een bevredigende ‘stonewall’ op te bouwen. Wit kan zich hiertegen op verschillende manieren weren. Hij kan op e3-e4 aansturen: een ander plan is c4-c5 gevolgd door een pionnenstorm op de damevleugel.
    10.cxd5! cxd5
    diabouwtarrnimz1Later heeft Nimzowitsch aanbevolen: 10…exd5 11.Lxf5 Pxf5 12.Dxf5 Ld6 Het lijkt mij onvoorstelbaar dat deze opmerking hout snijdt. Zwart heeft vrijwel geen compensatie voor de pion.
    Hier, na 10… cxd5, deed zich een opmerkelijk incident voor. Tarrach kruiste de armen voor de borst en riep luidkeels: “Nog nooit in mijn leven heb ik na tien zetten zo verschrikkelijk gewonnen gestaan!” Deze onbeschaamdheid heeft Nimzowitsch hem lange tijd niet kunnen vergeven.
    11.Tac1 g5 12.Dg3 Kf7 13.f3 Met de tekstzet verschaft wit zijn dame een terugtocht mogelijkheid en bereidt de fatale tegenstoot e3-e4 voor. 13.Dxg5 Tg8 14.Dh4 Tg6 heeft soortgelijke consequenties als in de partij.
    13…Pc6 14.Dxg5 “Bewijs jij mij dat maar eens, kwajongen!”
    14…Le7 15.Pe2! Db6 16.Lc3 Tag8 Is wits positie werkelijk zo goed als Tarrasch bij de tiende zet dacht? (Nimzowitsch)
    17.Dh4 Tg6 Tot dusver heeft Tarrasch voortreffelijk gespeeld. Na eenvoudig 18.Pf4 zitten er geen goede ‘aftrekkers’ met Pf6 in en moet de toren terug. Ongetwijfeld staat wit gewonnen. Maar Tarrasch zoekt een ‘fijnere’ vorm van bestrijding.
    18.Dh3 Met duidelijke bedoelingen (e3-e4).
    diabouwtarrnimz218…Lf8! Dit moet hem toch verrast hebben! Elke schaker wordt op zijn tijd verrast. Het is altijd moeilijk om dit te verwerken en toe te geven! Toch is de ‘methode van erkenning’ de beste en in principe de kansrijkste! Dit komt in de praktijk neer op herbezinnen, tijd uittrekken voor exacte berekening en objectieve taxatie. Verleidelijk en psychologisch alleszins verklaarbaar is de ‘blufmethode’: met een pokerface intuïtief en snel reageren. Deze tactiek, het behoeft nauwelijks nadere uitleg, heeft zijn gevaren, zoals ook hier blijkt.
    19.Pf4? Dit heeft werkelijk zeer ernstige gevolgen. Had Tarrasch zich uitvoerig verdiept in de ingewikkelde situatie, dan zou hij ongetwijfeld voor 19.e4! hebben gekozen. Er ontspint zich dan een belangwekkend complex van varianten dat gunstig lijkt voor wit.
    19…Th6 20.Dg3 Ld6! Veel sterker dan 20… Tg8. wit kan de opmars e3-e4 voorgoed vergeten en geraakt op de koningsvleugel in moeilijkheden.
    21.Df2 Tg8 22.g3 Tarrsch is kennelijk aangeslagen. Sterker lijkt 22.Tfd1.
    22…Lxf4 23.exf4 Ph5 24.De3 Leidt geheel naar het straatje van zijn tegenstander. Met 24.Ld2! had wit complicaties kunnen zoeken; vermoedelijk heeft hij daarin wel voldoende tegenkansen.
    diabouwtarrnimz324…e5! De spanning in de speelzaal moet wel te snijden geweest zijn! De kansen lijken volledig gekeerd en Tarrasch moet zich hebben gerealiseerd dat hij in een penibele positie is geraakt.
    25.fxe5 Er is, gezien het dreigende 25… exd4 geen keus.
    25…f4 26.Dd2 Pxd4 27.Kg2 Zijn beste kans.
    – 27.Lxd4 Dxd4+ 28.Tf2 Pxg3! 29.hxg3 Txg3+ 30.Kf1 Th1+ 31.Ke2 Dxe5+ 32.Le4 Txc1 33.Dxc1 dxe4 34.Dc4+ Kf6 is hopeloos voor wit.
    – 27.Lg6+ Dxg6! 28.Dxd4 fxg3 29.Dxd5+ Ke8 30.Db5+ Dc6 leidt volgens Nimzowitsch tot een gewonnen eindspel.
    .

    diabouwtarrnimz427…Pxg3? Onbegrijpelijk! We laten opnieuw Nimzowitsch zelf aan het woord: “Een fout, kenmerkend voor mijn spel in die tijd. Ik had een diepe combinatie op het oog, maar vergat ondertussen dat mijn eigen koning kwetsbaar was. De nauwkeurigste voortzetting was 27… fxg3!, wat zonder veel moeite wint, bijvoorbeeld: 27…fxg3! 28.h3 De6 (dreigt 28… Dxh3) 29.Th1 Dxe5 30.Dxh6 Pf4+ 31.Kf1 g2+ en spoedig mat.” Aldus Nimzowitsch. Heeft hij gelijk?? Veel sterker dan 29.Th1 is 29.h4!
    28.Dxf4+ Pgf5+ 29.Kh1 Txh2+ Dit zou dan de pointe moeten zijn. Overigens is zwart na andere zetten eveneens verloren.
    30.Kxh2! Sterker dan 30.Dxh2 Pg3 met remise door eeuwig schaak.
    30…Dg6
    diabouwtarrnimz531.Dg4?
    De ‘comedy of errors’ wordt voortgezet. Op zijn beurt verzuimt Tarrasch de winst door 31.e6+ Kxe6 anders komt de dame met geweld binnen 32.Tfe1+ Kd7 33.Dg4 Dh6+ 34.Dh3 Df4+ 35.Kh1 en wit wint omdat Pf5 gepend staat. De strijd laait nu weer op.
    31…Dh6+ 32.Dh3 Df4+ 33.Kh1 Pg3+ 34.Kg2 Pgf5+ De plaaggeest!
    35.Kh1 Pg3+ 36.Kg2 Pxf1+ 37.Kxf1 Dxc1+ 38.Le1 Tg1+ Op andere manieren kan zwart zijn actie niet voortzetten. Zijn koning staat te veel op de tocht en als de witte lopers tot de tegenaanval zouden kunnen overgaan is zwarts leed niet te overzien.
    39.Kxg1 Dxe1+ 40.Lf1 Dxe5 De eenvoudige weg naar remise was 40…Pe2+ 41.Kh2! Df2+ 42.Dg2 Dh4+
    41.Dxh7+ Dg7+? Maar dit zou een ervaren meester nooit hebben gedaan. Het resterende eindspel staat bepaald beter voor wit; zijn loper is sterker dan het paard en verder beschikt hij over de verste vrijpion. Juist was: 41…Kf8!
    42.Dxg7+ Kxg7
    diabouwtarrnimz6Hier bood Nimzowitsch remise aan, maar Tarrasch schudde nijdig het hoofd. er volgt nog een uiterst spannend eindspel.
    43.Kf2 Kf6 44.Ke3 Pe6 Een betere verdediging was 44… Pc6. Nu had wit sterk met 45.Lh3 kunnen vervolgen, aldus Nimzowitsch.
    45.f4 Pd8 Om alsnog naar c6 te komen.
    46.Lg2 Ke6 47.Kd4 Pc6+ 48.Kc5 Pe7 49.Lh3+ Kf6 50.Ld7 De situatie is kritiek geworden voor zwart, maar Nimzowitsch vindt een interessante verdediging. Opmerkelijk in deze stelling is de grote actieradius van het paard.
    50…Pg6 51.f5 Pe5 52.Lb5 Kxf5 53.Kxd5 Pf7 Tegen 54.Kd6 gericht.
    54.Ld7+ Kf6 55.Lc8 Pe5! Zo lang mogelijk verzwakkingen vermijden.
    56.b4 56.Lxb7 Pd3 57.b3 Pb4+ met remise.
    56…Pd3 57.a3 b6 58.La6 Pe1 59.a4 Pc2 60.b5 Ke7 61.Kc6 Kd8 62.Kb7 Pd4 63.Kxa7 Eindelijk is wit dan weer een pion voorgekomen, maar voor winst is dit niet meer voldoende.
    63…Kc7 64.Lb7 64.a5 Pxb5+! met remise.
    64…Pb3 65.Lf3 Pc5 Vermijdt de laatste valstrik. Na 65…Pa5? 66.Ld5! is zwart door ‘Zugzwang’ verloren.
    66.a5 bxa5 67.b6+ Kd6 68.Ld1 Kc6 69.La4+ Kd6 70.Le8 Kd5 71.Ka8 a4! Er moet tenslotte een eind aan zijn.
    72.Lxa4 Pxa4 73.b7 Pb6+ 74.Ka7 Pd7 75.b8=D Pxb8 76.Kxb8 Werkelijk een heroïsch gevecht.

    1/2-1/2

Comments are closed.