• Reshevsky – Stahlberg (1952)

    Posted on maart 8, 2016 by in bouwmeester

    Herinnering aan een schurkenstreek

    Hans Bouwmeester

    In 1976 schreef ik Schaken als vak; dit boek was bedoeld als geschenk aan Euwe, die in dat jaar 75 werd. Hij had het manuscript kritisch bekeken en vond het leuk dat ik het boek aan hem opdroeg. Het had de pretentie een aanvulling te zijn op het beste werk van Euwe en een brug te slaan naar het professionalisme, zoals dat zich in de laatste dertig jaar heeft gemanifesteerd. Het volgende stuk is aan dit boek ontleend.

    Tijdnood

    Bijna geen schaakspeler ontkomt altijd aan een tijdnoodfase. Binnen kort tijdsbestek moet hij een groot, althans te groot aantal zetten doen, die meer op intuïtie dan op berekening berusten. Veel hangt af van de slagvaardigheid, de concentratie, de oplettendheid en de fysieke conditie van de speler.

    Het juist verdelen van de tijd is een probleem dat elke speler op eigen wijze moet oplossen. Veel schakers noteren hun tijd gelijk met hun zetten en proberen daaraan bij het na-onderzoek conclusies te verbinden. Enige jaren geleden publiceerde Bronstein een artikel met grote, opzichtige grafieken, maar tastbare resultaten kwamen er, voor zover mij bekend, niet uit.

    Het ligt té persoonlijk. Een natuurtalent als Capablanca kwam in zijn beste jaren nooit in tijdnood; hij speelde vlot zonder zich te haasten en was dientengevolge voorstander van een redelijk snel tempo. Een grootmeester als Reshevsky was in dat opzicht zijn tegenpool. Het leek wel of hij het met opzet op de hevigste tijdnood liet aankomen. Hij was dan soms fabelachtig goed. Maar… naarmate hij ouder werd, kwam hij meer dan eens bedrogen uit. Bij de moderne toernooien speelt men vrijwel uitsluitend in het tempo van 40 zetten in 2 uur. Er zijn andere tempi geprobeerd, maar de experimenten hebben over het geheel genomen niets revolutionairs opgeleverd.

    reshevsky5

    reshevsky3

    Reshevsky is vooral bekend als één van de eerste wonderkinderen. Een in die tijd uitzonderlijk jong begaafd talent dat overal gevolgd werd door vele camera’s en journalisten, en bij exhibities altijd veel belangstelling kreeg. Op de foto hieronder is hij zichtbaar in een partij tegen een meester, boven geeft hij simultaan aan een groep volwassenen, wat in die tijd toch wel erg bijzonder leek: een kind dat horden volwassen schakers plet.

    reshevsky2

    Nu stelt de gemiddelde schaakpartij juist tussen de 30e en 40e zet de hoogste eisen aan de menselijke geest en vele duels worden dan ook in het laatste kwartier beslist, zelfs bij ontmoetingen tussen de grootsten. De klok speelt een rol van betekenis; er is niets aan te doen en vaste regels zijn voor het spelen in tijdnood niet te geven. Oefening baart kunst en in dit verband is de blitzpartij, mits deze niet ontaardt in onbehouwen slagwerk, geen overbodige training. Op wat oudere leeftijd kan men zich beter voor al te hevige tijdnood hoeden. Met uiterste zorg de tijd verdelen dus. We beperken ons tot een enkel voorbeeld. Een schaakmeester in de hoogste nood toont daarin een zeldzame tegenwoordigheid van geest, niet geheel zuiver op de graat, maar wel van een zekere allure. Het gebeurde tijdens de Olympiade van Helsinki 1952, in de partij Reshevsky – Stahlberg.

    De kritieke stelling ontstond aldus:
    1.d2-d4 Pg8-f6 2.c2-c4 e7-e6 3.Pb1-c3 Lf8-b4 4.e2-e3 c7-c5 5.Lf1-d3 d7-d5 6.Pg1-f3 Pb8-c6 7.O-O O-O 8.a2-a3 c5xd4 9.e3xd4 d5xc4 10.Ld3xc4 Lb4-e7 11.Dd1-d3 a7-a6 12.Lc4-a2 b7-b5 13.La2-b1 Lc8-b7 14.Lc1-g5 g7-g6 15.Tf1-d1 Tf8-e8 16.Lb1-a2 b5-b4 17.Pc3-a4 Pf6-d7 18.Lg5-f4 Pc6-a7 19.d4-d5 Pd7-f8 20.d5xe6 Pf8xe6 21.Dd3-e3 Dd8-a5 22.La2xe6 Lb7xf3 23.g2xf3 Le7-f6 24.Le6xf7+ Kg8xf7 25.Td1-d7+ Te8-e7 26.Td7xe7+ Lf6xe7 27.Ta1-e1 Le7-f6 28.De3-e6+ Kf7-g7 29.Te1-d1 Ta8-d8 30.Td1-d7+ Td8xd7 31.De6xd7+ Kg7-g8 32.Lf4-h6 Da5-d8 33.Dd7-e6+? Kg8-h8 34.a3xb4?

    diabouwreshstahl1De laatste zetten zijn niet de beste; na 34.De6xa6 b4xa3 35.b2xa3 kan zwart zijn paard niet zo snel activeren en voorlopig is de witte koning veilig genoeg. De pluspionnen verzekeren op den duur een vrij gemakkelijke winst.

    34… Pa7-b5! Zeer juist. In tijdnood is passief spel bijna altijd fataal. 35.Pa4-c5 Snel wisselen de klappen op bord en klok elkaar af! 35… Pb5-d4 36.De6-e4 Pd4-f5!

    .

    .

    .

    diabouwreshstahl2Een fractie van een seconde was Reshevsky in paniek. Plotseling staat Lh6 bedreigd en komt zijn koning na … Dd8-d1+ en … Ph4+ in een matnet. Er is geen tijd meer voor bezinning maar Reshevsky komt op een duivels idee: Lh6-d2!??? en het spel gaat verder: 37… Dd8xd2 38.Kg1-g2 Dd2-g5+ 39.Kg2-f1 Dg5-c1+ 40.Kf1-g2 Dc1-g5+ 41.Kg2-f1 en Reshevsky claimt remise door herhaling van zetten. Stahlberg weigert … Reshevsky wijst driftig op zijn formulier. Daar staat 41.Kg2-f1 Dg5-c1+ 42.Kf1-g2 Dc1-g5+ 43.Kg2-f1 (!!!). Stahlberg kijkt hem koel aan en antwoordt: “Sie können mir ja ganze Romane schreiben, was?”

     

    stahlberg2

    Maar … wie zal het bewijzen?! Stahlberg (boven in beeld) maakte geen enkele drukte. Waardig, koel en vastberaden sloot hij zijn zet in, gaf de envelop zwijgend aan de wedstrijdleider en ging heen… ! Wedstrijdleider Hans Kmoch vond in enkele Nederlandse meesters onpartijdige getuigen en zij zagen zich naar eer en geweten genoodzaakt Stahlberg gelijk te geven. De afgegeven zet bleek later 41… Dg5-c1+ te zijn.

    Voor de hervatting ontmoet Reshevsky in het hotel de Nederlandse meester Van Scheltinga, als altijd de verpersoonlijking van rust en integriteit. “Hoe vaak heeft die zwarte dame op c1 gestaan?” vraagt Reshevsky. Van Scheltinga denkt even na en antwoordt terecht: “Eén keer!”. Reshevsky loopt nijdig door. In de toernooizaal wacht Stahlberg aan het bord, maar zijn illustere tegenstander komt niet meer opdagen. Na een uur valt de vlag!

    diabouwreshstahl2Arme Reshevsky! Tegen het tijdnoodprobleem van diagram 2 waren ook zijn grote capaciteiten niet opgewassen. Een onderzoek leert dat hij zich met 37.De4-f4!! had kunnen redden. Na 37… Pf5-h4 is 38.Pc5-d3 afdoende en na 37… Dd8-d1+ 38.Kg1-g2 Pf5-h4+ 39.Kg2-h3! Dd1-f1+ 40.Kh3-g4! Df1-g2+ 41.Df4-g3!! is zwart uitgepraat.

    Wat is het ergste dat een schaakmeester kan overkomen?

    Precies! Verliezen!

    Zoals onze bewondering uitgaat naar Reinaert de Vos, zo kunnen we Reshevsky’s schurkenstreek met enig respect benaderen. Je moet toch maar binnen een fractie van een seconde op het idee komen!

    Dankzij Nederlandse kiebitsers ging de vlieger dit maal niet op.

    reshevsky4Reshevsky was in vele kringen niet populair. Zelfs zijn Amerikaanse collega’s haatten hem.

    Tijdens de Olympiade van Tel Aviv 1964 heb ik na de partijen vaak voor hem piano gespeeld; hij was dol op muziek. Buiten het schaakbord om was hij de aardigste man van de wereld!

    Samuel Reshevsky op oudere leeftijd. Hij werd altijd Sammy genoemd, zoals Robert Fischer Bobby heette.

Comments are closed.