Statuten

Begripsbepalingen.

1. In deze statuten hebben de volgende begrippen de daarachter vermelde betekenis:

algemene vergadering betekent het orgaan van de vereniging dat in Titel 2 van Boek 2 Burgerlijk Wetboek wordt aangeduid als algemene vergadering, tenzij uit de context blijkt dat het een vergadering van de algemene vergadering betreft.

bestuur betekent het bestuur van de vereniging. bestuurder betekent een lid van het bestuur.

dagen betekent alle dagen van een week en derhalve niet uitgezonderd algemeen erkende feestdagen of daarmee op grond van de Algemene termijnenwet gelijkgestelde dagen.

KNSB betekent de vereniging met volledige rechtsbevoegdheid: Koninklijke Nederlandse Schaakbond, ingeschreven in het handelsregister onder nummer 40530765.

leden betekent de leden van de vereniging, tenzij anders vermeld. lidmaatschap betekent het lidmaatschap van de vereniging.

regionale bond betekent een lid van de KNSB en welk lid schaakverenigingen binnen nader omschreven geografische grenzen als lid heeft en waarbij onder schaakvereniging mede wordt verstaan een schaakafdeling van een vereniging met een meervoudige doelstelling. schriftelijk betekent een bericht dat is overgebracht bij brief, e-mail of enig ander elektronisch communicatiemiddel, mits het bericht leesbaar en reproduceerbaar is.

statuten betekent de statuten van de vereniging.

vereniging betekent de vereniging waarvan de interne organisatie wordt beheerst door deze statuten, te weten de statutair te Utrecht gevestigde vereniging met volledige rechtsbevoegdheid: Schaakclub Oud Zuylen Utrecht, ingeschreven in het handelsregister onder nummer 40479153.

2. Verwijzingen naar artikelen zijn verwijzingen naar artikelen van deze statuten, tenzij uitdrukkelijk anders aangegeven. Met verwijzingen in deze statuten naar ‘hij’ wordt tevens bedoeld te verwijzen naar ‘zij’. Met verwijzingen in deze statuten naar ‘zijn’ (anders dan als werkwoord) of ‘hem’ wordt tevens bedoeld te verwijzen naar ‘haar’.

 

NAAM. ZETEL

Artikel 1.

  1. De vereniging draagt de naam: Schaakclub Oud Zuylen Utrecht.
  2. De verkorte naam van de vereniging luidt: OZU.
  3. De vereniging is statutair gevestigd te Utrecht.

 

DOEL

Artikel 2.

  1. De vereniging heeft ten doel de beoefening van de schaaksport te stimuleren, in stand te houden en uit te breiden, en voorts al hetgeen met één of ander rechtstreeks of zijdelings verband houdt of daartoe bevorderlijk kan zijn, alles in de meest ruime zin van het woord.
  2. De vereniging tracht haar doel te bereiken door:
    1. het behartigen van de gemeenschappelijke belangen van de leden;
    2. aansluiting bij een regionale bond, een en ander overeenkomstig het bepaalde in de statuten en reglementen van de KNSB;
    3. het deelnemen aan schaakwedstrijden uitgeschreven door de KNSB of de bij die vereniging aangesloten regionale bonden en/of verenigingen;
    4. het uitschrijven van-, meewerken aan-, het (doen) regelen en (doen) bevorderen van schaakwedstrijden;
    5. het organiseren van schaakwedstrijden tussen de leden onderling;
    6. het onderhouden van een website;
    7. het bevorderen van de belangstelling voor de schaaksport, en voorts door het aanwenden van alle andere wettige middelen welke voor het bereiken van het gestelde doel nuttig of nodig worden geacht.

 

VERENIGINGSJAAR

Artikel 3.

Het verenigingsjaar vangt aan op één september en eindigt op eenendertig augustus daarop volgend.

 

LIDMAATSCHAP

Artikel 4.

  1. De vereniging kent:
    1. senior leden;
    2. jeugdleden;
    3. steunleden;
    4. dubbelleden.
  2. Seniorleden zijn leden die bij aanvang of het voortduren van het lidmaatschap de leeftijd van twintig jaar hebben bereikt en die als zodanig door het bestuur zijn toegelaten. Bij niet toelating door het bestuur kan de algemene vergadering alsnog tot toelating besluiten.
  3. Juniorleden zijn de leden die bij de aanvang van het lidmaatschap jonger zijn dan twintig jaar en die als zodanig door het bestuur zijn toegelaten. Bij niet toelating door het bestuur kan de algemene vergadering alsnog tot toelating besluiten.
  4. Steunleden zijn leden die niet, dan wel beperkt deel (kunnen) nemen aan een of meer van de verschillende competities die de vereniging verzorgt of waaraan deze deelneemt, zulks ter beoordeling van het bestuur.
  5. Dubbelleden zijn leden die tevens lid zijn van een andere bij de KNSB aangesloten schaakvereniging en voor wie die vereniging de KNSB-afdracht verzorgt.
  6. Waar in deze statuten over het lidmaatschap respectievelijk leden wordt gesproken, worden daaronder alle categorieën van een lidmaatschap respectievelijk leden verstaan, tenzij het tegendeel blijkt.
  7. Het bestuur houdt een register, waarin de namen en adressen van alle leden en personen aan wie een eretitel is toegekend en zijn opgenomen.

De leden en personen aan wie een eretitel is toegekend zijn verplicht adreswijzigingen onverwijld aan het bestuur mede te delen. Indien en voor zover het bestuur is gehouden gegevens van de leden te delen met de KNSB, geschiedt zulks met inachtneming van de van toepassing zijnde wet- en regelgeving rond bescherming van persoonsgegevens en niet anders dan in het kader van de doelstelling van de vereniging.

  1. Minderjarigen, die lid van de vereniging wensen te worden, behoeven daartoe de schriftelijke toestemming van een wettelijk vertegenwoordiger.

 

CONTRIBUTIE

Artikel 5.

  1. De leden zijn gehouden tot het betalen van contributie aan de vereniging, waarvan de hoogte op voorstel van het bestuur jaarlijks door de algemene vergadering wordt goedgekeurd. De leden kunnen daartoe door het bestuur in categorieën worden ingedeeld, die een verschillende contributie betalen.

Leden met een eretitel, zijn als zodanig vrijgesteld van de betaling van contributie aan de vereniging.

  1. De algemene vergadering kan besluiten dat er bij toetreding tot de vereniging een eenmalig entreegeld is verschuldigd. De hoogte van het entreegeld wordt door de algemene vergadering – op voorstel van het bestuur – vastgesteld.
  2. Het bestuur is bevoegd in bijzondere gevallen gehele of gedeeltelijke ontheffing van de verplichting tot het betalen van contributie te verlenen.

 

EINDE VAN HET LIDMAATSCHAP. SCHORSING

Artikel 6.

  1. Het lidmaatschap eindigt:
    1. door de dood van het lid;
    2. door opzegging door het lid;
    3. door opzegging door de vereniging;
    4. door ontzetting.
  2. Opzegging van het lidmaatschap door het lid kan slechts schriftelijk geschieden tegen het einde van het verenigingsjaar en wel voor één september van het lopende verenigingsjaar.
  3. Opzegging van het lidmaatschap door de vereniging geschiedt door het bestuur. Deze kan geschieden wanneer een lid heeft opgehouden aan de vereisten voor het lidmaatschap te voldoen, wanneer hij zijn verplichtingen jegens de vereniging niet nakomt, alsook wanneer redelijkerwijs van de vereniging niet gevergd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren.

Opzegging als in dit lid bedoeld geschiedt met onmiddellijke ingang.

Het lid wiens lidmaatschap namens de vereniging door het bestuur is opgezegd, staat binnen één maand na ontvangst van de kennisgeving van het besluit beroep open bij de algemene vergadering, welke beslist of de opzegging al dan niet terecht heeft plaatsgevonden. Gedurende de beroepstermijn en hangende het beroep, is het betreffende lid geschorst.

  1. Een opzegging in strijd met het bepaalde in lid 2 doet het lidmaatschap eindigen op het vroegst toegelaten tijdstip, volgende op de datum waartegen was opgezegd.
  2. Ontzetting uit het lidmaatschap geschiedt door de algemene vergadering. Een dergelijk besluit kan worden genomen met een meerderheid van twee derden van de geldig uitgebrachte stemmen. Ontzetting uit het lidmaatschap kan alleen worden uitgesproken wanneer een lid in strijd met de statuten, reglementen of besluiten van de vereniging handelt, of de vereniging op onredelijke wijze benadeelt. Ontzetting doet het lidmaatschap met onmiddellijke ingang eindigen.
  3. Wanneer het lidmaatschap in de loop van een verenigingsjaar eindigt, blijft desniettemin de jaarlijkse bijdrage voor het geheel verschuldigd.
  4. Het bestuur kan besluiten een lid te schorsen. Een schorsing die niet binnen drie maanden gevolgd wordt door een besluit tot beëindiging van het lidmaatschap, eindigt door het verlopen van die termijn.
  5. Een lid dat is geschorst, behoudt gedurende zijn schorsing zijn verplichtingen ten opzichte van de vereniging, doch heeft geen enkel recht en wordt niet toegelaten in vergaderingen, behoudens ingeval en voor zover de schorsing van het betreffende lid in die algemene vergadering aan de orde is.

 

PERSONEN MET EEN ERETITEL EN DONATEURS

Artikel 7.

  1. De algemene vergadering kan – zowel op voorstel van het bestuur als op voorstel van een lid – de titel “erevoorzitter”, “erelid” of “eredonateur” toekennen aan personen (zowel leden als niet leden) op grond van hun buitengewone verdiensten voor de vereniging.
  2. Ten aanzien van de besluitvorming rondom toekenning of herroeping van een eretitel, is het bepaalde in artikel 6 lid 5 van overeenkomstige toepassing.
  3. Donateurs zijn zij, die zich tegenover de vereniging verbinden tot het storten van een jaarlijkse door de algemene vergadering vast te stellen

minimumbijdrage en door het bestuur als zodanig zijn toegelaten.

  1. Opzegging van een donateur namens de vereniging geschiedt door het bestuur.
  2. Personen aan wie een eretitel is toegekend en donateurs hebben geen andere rechten en plichten dan die hun bij of krachtens de statuten of het huishoudelijk reglement zijn toegekend en opgelegd.

 

BESTUUR

Artikel 8.

  1. Het bestuur bestaat uit ten minste drie bestuurders. De benoeming geschiedt door de algemene vergadering uit de leden behoudens het bepaalde in lid 2 van dit artikel. Het aantal bestuurders wordt vastgesteld door de algemene vergadering.
  2. Uitsluitend meerderjarige leden kunnen als bestuurder worden benoemd.
  3. De voorzitter van het bestuur wordt als zodanig door de algemene vergadering in functie benoemd. Het bestuur benoemt uit zijn midden een vicevoorzitter, een secretaris en een penningmeester, en zodanige andere functionarissen als het wenselijk acht. Een bestuurder kan binnen het bestuur twee functies bekleden.

 

DUUR. EINDE BESTUURSLIDMAATSCHAP. SCHORSING

Artikel 9.

  1. De benoeming van een bestuurder geschiedt voor een periode van drie jaar en zijn onbeperkt herbenoembaar.
  2. Een bestuurder defungeert voorts door:
    1. het eindigen van zijn lidmaatschap van de vereniging;
    2. zijn schriftelijk bedanken;
    3. het verlies van het vrije beheer over zijn eigen vermogen;
    4. door het verstrijken van de tijd waarvoor hij is benoemd.
  3. Bij belet van een bestuurder zijn/is de overige bestuurder(s) met het bestuur belast. Indien sprake is van een of meer vacatures, vormen de overgebleven bestuurders of vormt de overgebleven bestuurder een bevoegd bestuur. In vacatures dient uiterlijk op de eerstvolgende algemene vergadering te worden voorzien.
  4. Elke bestuurder kan te allen tijde door de algemene vergadering worden ontslagen of geschorst. Een schorsing die niet binnen drie maanden gevolgd wordt door een besluit tot ontslag, eindigt door het verloop van die termijn.

 

BESLUITVORMING

Artikel 10.

  1. Het bestuur vergadert zo dikwijls dit ingevolge de statuten nodig is of de voorzitter of een andere bestuurder zulks wenst.
  2. In vergadering kunnen slechts besluiten worden genomen indien ten minste de helft van de bestuurders aanwezig of vertegenwoordigd is. Een bestuurder kan zich ter vergadering, mits schriftelijk, door een medebestuurder laten vertegenwoordigen.
  3. Het bestuur kan ook buiten vergadering (schriftelijk) besluiten, mits alle bestuurders zich omtrent het desbetreffende voorstel schriftelijk hebben uitgesproken.
  4. Alle bestuursbesluiten worden genomen met gewone meerderheid van stemmen.

 

TAAK. BEVOEGDHEDEN

Artikel 11.

  1. Het bestuur is belast met het besturen van de vereniging.
  2. Erfstellingen mogen slechts worden aanvaard onder het voorrecht van boedelbeschrijving.
  3. Het bestuur is, mits met goedkeuring van de algemene vergadering, bevoegd te besluiten tot het aangaan van overeenkomsten tot verkrijging, vervreemding en bezwaring van registergoederen alsook tot het aangaan van overeenkomsten waarbij de vereniging zich als borg of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt, zich voor een derde sterk maakt of zich tot zekerheidsstelling voor een schuld van een ander verbindt.

 

VERTEGENWOORDIGING

Artikel 12.

  1. De vereniging wordt vertegenwoordigd door het bestuur. Voorts kan de vereniging worden vertegenwoordigd door twee tezamen handelende bestuurders.
  2. Indien een bestuurder een tegenstrijdig belang heeft met de vereniging kan hij niettemin de vereniging vertegenwoordigen tenzij de algemene vergadering daartoe een of meer personen aanwijst.

 

JAARVERSLAG. REKENING EN VERANTWOORDING

Artikel 13.

  1. Het bestuur is verplicht van de vermogenstoestand van de vereniging en van alles betreffende de werkzaamheden van de vereniging, naar de eisen die voortvloeien uit deze werkzaamheden, op zodanige wijze een administratie te voeren en de daartoe behorende boeken, bescheiden en andere gegevensdragers op zodanige wijze te bewaren, dat te allen tijde de rechten en verplichtingen van de vereniging kunnen worden gekend.
  2. Het bestuur brengt op een algemene vergadering binnen zes maanden na afloop van het verenigingsjaar, behoudens verlenging van deze termijn door de algemene vergadering, zijn bestuursverslag uit over de gang van zaken in de vereniging en over het gevoerde beleid. Het legt de balans en de staat van baten en lasten met een toelichting ter goedkeuring aan de algemene vergadering over. Deze stukken worden ondertekend door de bestuurders; ontbreekt de ondertekening van een of meer van hen, dan wordt daarvan onder opgave van redenen melding gemaakt. Na verloop van de termijn kan ieder lid van de gezamenlijke bestuurders in rechte vorderen dat zij deze verplichtingen nakomen.
  3. De algemene vergadering benoemt jaarlijks uit de leden een kascommissie van ten minste twee personen, die geen deel mogen uitmaken van het bestuur.

De commissie onderzoekt de stukken bedoeld in de tweede zin van lid 2 en brengt aan de algemene vergadering verslag uit van haar bevindingen.

  1. Vereist het onderzoek van de rekening en verantwoording bijzondere boekhoudkundige kennis, dan kan de kascommissie, mits met goedkeuring van het bestuur, zich voor rekening van de vereniging door een deskundige doen bijstaan.

Het bestuur is verplicht aan de commissie ten behoeve van haar onderzoek alle door haar gewenste inlichtingen te verschaffen, haar desgewenst de kas en de waarden te vertonen en de boeken, bescheiden en andere gegevensdragers van de vereniging voor raadpleging beschikbaar te stellen.

  1. Het bestuur is verplicht de in de leden 1 en 2 bedoelde boeken, bescheiden en andere gegevensdragers gedurende zeven jaren te bewaren.

 

ALGEMENE VERGADERING

Artikel 14.

  1. Jaarlijks, uiterlijk zes maanden na afloop van het verenigingsjaar doch bij voorkeur voor één oktober, wordt een algemene vergadering – de jaarvergadering – gehouden.

In de jaarvergadering komen onder meer aan de orde:

    1. behandeling van het bestuursverslag en de balans en de staat van baten en lasten, met het verslag van de kascommissie;
    2. goedkeuring van de balans en de staat van baten en lasten;
    3. goedkeuring van het door het bestuur gevoerde beleid in de periode waarop het bestuursverslag en de balans en de staat van baten en lasten betrekking heeft, voor zover dat beleid uit die stukken blijkt of het resultaat daarvan in die stukken is verwerkt;
    4. de benoeming van de leden van de kascommissie voor het volgende verenigingsjaar;
    5. voorziening in eventuele vacatures;
    6. voorstellen van het bestuur of de leden, aangekondigd bij de oproeping voor de vergadering;
    7. de begroting voor het volgende verenigingsjaar.
  1. Andere algemene vergaderingen worden gehouden zo dikwijls het bestuur dit wenselijk oordeelt.
  2. Voorts is het bestuur op schriftelijk verzoek van tenminste een zodanig aantal leden als bevoegd is tot het uitbrengen van een tiende gedeelte van de stemmen, verplicht tot het bijeenroepen van een algemene vergadering op een termijn van niet langer dan vier weken na indiening van het verzoek.

Indien aan het verzoek binnen veertien dagen geen gevolg wordt gegeven, kunnen de verzoekers zelf tot die bijeenroeping overgaan overeenkomstig artikel 15.

 

WIJZE BIJEENROEPEN. TOEGANG. ELEKTRONISCHE OPROEPING

Artikel 15.

  1. De algemene vergaderingen worden bijeengeroepen door het bestuur. De oproeping geschiedt schriftelijk aan de adressen van de leden en aan personen aan wie een eretitel is toegekend, volgens het ledenregister. De termijn van oproeping bedraagt ten minste twintig dagen, de dag van de oproeping en die van de vergadering niet meegerekend.

De oproeping aan ieder lid, die daarmee instemt, kan ook geschieden door een langs elektronische weg toegezonden leesbaar en reproduceerbaar bericht aan het adres dat door hem voor dit doel aan de vereniging bekend is gemaakt.

  1. Bij de oproeping worden de op de vergadering te behandelen onderwerpen vermeld in de vorm van een voorlopige agenda. Uiterlijk tien dagen voor de algemene vergadering wordt de definitieve agenda voorzien van relevante bijlagen aan de in lid 1 van dit artikel vermelde personen toegezonden.
  2. Toegang tot de algemene vergadering hebben alle niet geschorste leden en bestuurders en personen aan wie een eretitel is toegekend.

Over toelating van andere dan de hiervoor bedoelde personen beslist de algemene vergadering. Allen hebben het recht om in de algemene vergadering het woord te voeren.

 

STEMRECHT. BESLUITVORMING

Artikel 16.

  1. In vergaderingen hebben alle niet geschorste leden – waaronder begrepen personen aan wie een eretitel is toegekend en die tevens kwalificeren als lid – stemrecht. Aan personen aan wie een eretitel is toegekend en die niet tevens kwalificeren als lid, komt geen stemrecht toe. Ieder lid kan één stem uitbrengen.

Ieder lid is bevoegd zijn stem te doen uitbrengen door een schriftelijk daartoe gemachtigd ander stemgerechtigd lid.

  1. Besluiten worden genomen bij gewone meerderheid van de geldig uitgebrachte stemmen, tenzij in deze statuten anders is bepaald.

Blanco stemmen worden beschouwd als niet te zijn uitgebracht.

  1. Indien de stemmen staken, is het voorstel verworpen.
  2. Stemming over personen geschiedt schriftelijk tenzij de vergadering besluit tot stemming bij acclamatie.
  3. Een eenstemmig besluit van alle leden, ook al zijn deze niet in een vergadering bijeen, heeft, mits met voorkennis van het bestuur genomen, dezelfde kracht als een besluit van de algemene vergadering.

 

VOORZITTERSCHAP. NOTULEN

Artikel 17.

  1. De algemene vergaderingen worden geleid door de voorzitter van het bestuur. Ontbreekt de voorzitter dan treedt de vicevoorzitter op als voorzitter van de vergadering. Wordt ook op deze wijze niet in het voorzitterschap voorzien, dan voorziet de vergadering daarin zelve.
  2. Van het verhandelde in elke vergadering worden door of namens de secretaris of een ander door de voorzitter van de vergadering daartoe aangewezen persoon notulen gemaakt, die na vaststelling door de algemene vergadering door de voorzitter en de secretaris worden ondertekend. De inhoud van de notulen wordt ter kennis van de leden gebracht.

 

COMMISSIES

Artikel 18.

  1. Zowel het bestuur als de algemene vergadering kunnen één of meerdere commissies instellen en opheffen.
  2. Het orgaan dat de betreffende commissie instelt, stelt de taak en de bevoegdheden van die commissie vast en benoemt de leden van die commissie.
  3. Het bestuur heeft te allen tijde toegang tot een vergadering van een commissie.

 

HUISHOUDELIJK REGLEMENT

Artikel 19.

  1. Bij een huishoudelijk reglement kan al datgene geregeld worden, waarvan een nadere regeling gewenst wordt geacht. Een huishoudelijk reglement mag geen bepalingen bevatten, die in strijd zijn met de wet of de statuten.
  2. Het huishoudelijk reglement wordt vastgesteld en gewijzigd door de algemene vergadering.

 

STATUTENWIJZIGING. FUSIE. SPLITSING

Artikel 20.

  1. In de statuten van de vereniging kan geen verandering worden aangebracht dan door een besluit van de algemene vergadering, waartoe is opgeroepen met de mededeling dat aldaar wijziging van de statuten zal worden voorgesteld.
  2. Ten minste vijf dagen voor de algemene vergadering dient een afschrift van het voorstel waarin de voorgestelde wijziging woordelijk is opgenomen, op een daartoe geschikte plaats voor de leden ter inzage te liggen tot na afloop van de dag, waarop de vergadering wordt gehouden.
  3. Het besluit tot wijziging van de statuten kan slechts worden genomen met een meerderheid van ten minste twee derden van de geldig uitgebrachte stemmen.
  4. Het in dit artikel bepaalde is van overeenkomstige toepassing bij een besluit tot fusie of splitsing.

Artikel 21.

Het in artikel 20 bepaalde is niet van toepassing indien op de algemene vergadering alle stemgerechtigde leden aanwezig zijn en het besluit tot statutenwijziging met algemene stemmen wordt genomen.

Artikel 22.

De statutenwijziging treedt niet in werking, dan nadat daarvan een notariële akte is opgemaakt. Iedere bestuurder is afzonderlijk bevoegd gemelde notariële akte te verlijden.

 

ONTBINDING

Artikel 23.

  1. Het besluit tot ontbinding kan slechts worden genomen met een meerderheid van ten minste twee derden van de geldig uitgebrachte stemmen.

In de vergadering moet ten minste de helft van de leden aanwezig of vertegenwoordigd zijn.

  1. Indien in een vergadering waarin een voorstel tot ontbinding aan de orde is, niet ten minste de helft van de leden aanwezig of vertegenwoordigd is, wordt een nieuwe vergadering bijeengeroepen, te houden ten minste veertien dagen later, doch uiterlijk binnen dertig dagen na de eerste. In deze vergadering kan een besluit tot ontbinding rechtsgeldig worden genomen met een meerderheid van ten minste twee derden van de geldig uitgebrachte stemmen ongeacht het aantal aanwezige of vertegenwoordigde leden.
  2. De vereniging blijft na ontbinding voortbestaan voor zover dit tot vereffening van haar vermogen nodig is.

In stukken en aankondigingen die van haar uitgaan, moet aan haar naam worden toegevoegd: in liquidatie. De vereffening eindigt op het tijdstip waarop aan de vereffenaars geen baten meer bekend zijn.

  1. De bestuurders zijn de vereffenaars van het vermogen van de vereniging. Op hen blijven de bepalingen omtrent de benoeming, de schorsing, het ontslag en het toezicht van bestuurders van toepassing. De overige statutaire bepalingen blijven eveneens voor zo veel mogelijk van kracht tijdens de vereffening.
  2. Het batig saldo na vereffening wordt aangewend voor door de algemene vergadering te bepalen zodanige doeleinden als het meest met het doel van deze vereniging overeenstemmen.
  3. Na afloop van de vereffening blijven de boeken en bescheiden van de ontbonden vereniging gedurende zeven jaar onder berusting van de door de algemene vergadering daartoe aangewezen persoon.

 

SLOTBEPALING

Artikel 24.

Aan het bestuur komen in de vereniging alle bevoegdheden toe, die niet door de wet of de statuten aan andere organen zijn opgedragen.

(vastgesteld door de Algemene Ledenvergadering van Schaakclub Oud Zuylen Utrecht op 23 mei 2017)